Hoog in de bergen zit een deur, tussen valleien en groene weilanden zit een houten deur, die oud en verrot is. In het Pirin gebergte beklimt Christian Homan bergen opzoek naar deze deur en misschien wel de hemel die erachter zit.
Zweetdruppels lopen door mijn ogen, wanneer ik deze geïrriteerd wegveeg. De zon prikt op mijn armen terwijl ik water uit mijn tas pak. Mijn metgezel Richard die ik 2 dagen geleden ontmoet heb kijkt me lachend aan. “De hoogste berg van Bulgarije beklimmen is nog niet makkelijk he”. Hij zegt het op een uitdagende manier en zijn welbekende accent uit Birmingham, maakt het allemaal iets steviger. Ik laat me natuurlijk niet kennen en met tegenzin hijs ik mijn rugzak weer op mijn schouders. Dit is nu al de 2e dag dat we door dit gebergte heen lopen en mijn schouders beginnen pijn te doen. Richard is een stuk ouder en ondanks zijn leeftijd, huppelt hij als een berggeit over de paden heen. Alsof de bergen bij iedereen weer de jeugdigheid naar boven haalt.
Met mijn rugzak op mijn schouders neem ik mijn omgeving nog maar eens in me op. Het pad voor ons loopt slingert door groene weilanden en langs rotsblokken omhoog. Tientallen kleurenpuntjes van bloemen die de schoonheid en het karakter van de bergen met zich meedragen. Het Pirin gebergte waar we doorheen lopen, staat na miljoenen jaren nog steeds trots overeind. Het is een afwisseling in enorme rotspartijen met diepe ravijnen en rustige valleien waar gemzen rond grazen en kleine beekjes hun weg vinden naar de rivier die door het dal loopt.
Voor me ligt de hoogste berg van Bulgarije, met daarachter een blauwe hemel. Alsof het paradijs op zich laat wachten voor iedereen die de top bereikt. Het is nog ongeveer 3 uur omhooglopen en met de hulp van ijzeren kettingen klimmen we langzaam omhoog. Mijn rugzak schuurt over mijn schouders heen en mijn knieën beginnen steeds meer pijn te doen. We zijn vandaag 7 uur aan het lopen om een instabiele houten hut te vinden, waar je waarschijnlijk alleen maar in kan liggen.
Wanneer ik om me heen kijk zie ik wel genoeg redenen om dit te doen, het uitzicht, de beleving en de herinneringen die bij je blijven. Daar heb ik wel pijnlijke knieën voor over en gelukkig zijn er ook nog mensen zoals Richard die dit met me willen doen.
Na heel lang omhoog ploeteren, tikken Richard en ik het ijzeren kruis aan dat op de top staat. We zijn 2925 meter boven zeeniveau en dat brengt altijd een gek gevoel met zich mee. Het blijft onwerkelijk om met je eigen twee benen deze hoogtes te bereiken. Rechts in de verte kunnen we de zee zien en de alom bekende beschaving beneden aan de berg ziet er klein en onbelangrijk uit. Dingen worden snel in perspectief gezet als je zo hoog staat en om je heen kijkt.
Nadat we 1,5 uur naar beneden hebben gelopen, zie ik de kleine hut in de verte. Het is zoals ik het me had voorgesteld, de vloer is verdwenen en er zijn nog 2 houten planken waar je op kan staan. De deur valt half uit elkaar en je moet de deur ook eerst helemaal optillen en na flink duwen gaat die eindelijk open. Links en rechts zijn 2 planken in de muur geslagen waar je kan gaan liggen. Ik pas er net in en Richard die langer is, moet zijn knieën optrekken. We hebben allebei matjes en slaapzakken bij en we proberen er nog het beste van te maken. Het begint ook al langzaam donker te worden en vanavond is het heel erg bewolkt. Richard en ik zitten nog heel erg lang buiten te praten over eerdere avonturen en reizen die we hebben gemaakt. Voldaan en moe val ik uiteindelijk in slaap.
5 uur in de ochtend, een hard en scherp geluid. Dit kan alleen maar mijn wekker zijn, slaperig druk ik hem uit en strek ik mijn benen een beetje. Met veel moeite trek die verrotte deur open en stap ik met ogen als streepjes naar buiten. Ik laat alles even bezinken. Ik zie hoe de zon langzaam achter de bergen omhoog komt. De eerste lichtstralen geven glinsteringen aan alle bloemen en rotsen om me heen. Met een strak blauwe lucht, wordt de kou langzaam verdreven door de zon en veel mooier dan dit wordt het niet. Ik luister naar het nummer Knocking on Heaven’s door, omdat ik de hemel op aarde heb gevonden. Zoals zo vaak wordt afgebeeld in tekeningen of schilderijen, heb je helemaal geen gouden poort nodig om de hemel te bereiken. Een oude verrotte deur is meer dan genoeg, het ligt er maar net aan wat erachter zit.